Regionale antistolling van het CVVH-circuit met citraat

Een korte update

Door op 22-06-2012

Binnen Nederland worden inmiddels meer CVVH-behandelingen met regionale antistolling met citraat (RCA) uitgevoerd dan met heparine. Door de uitgebreide ervaring en de vele onderzoeken zijn er inmiddels duidelijke protocollen voorhanden. De postdilutie-opstelling is tot op heden de meest toegepaste vorm van citraatbehandeling. De citraatflow is hierbij separaat van de substitutieflow te regelen. De predilutie-opstelling (met één type isotone substitutievloeistof, inclusief citraat) is de meest recente ontwikkeling en verloopt volgens een uitermate eenvoudig protocol, omdat het een isotone vloeistof betreft. Monitoring elke 6 uur van het iCa, het natrium, de pH, het bicarbonaat en elke 24 uur van de calciumratio waarborgt een veilige toepassing en maakt tijdige correcties mogelijk. Machines met geïntegreerde citraat- en calciumtoediening verdienen de voorkeur. In meerdere studies wordt citraat-anticoagulatie als eerstekeuzetherapie naar voren gebracht.

Log nu in om het volledige artikel te bekijken of om te reageren.

Abonneren

Informatie over dit artikel

Auteurs Meer, B.J.M. van der
Thema Hoofdartikel
Accreditatie 1.25 accreditatiepunten
Publicatie 22 juni 2012
Editie A&I - Jaargang 4 - editie - Editie 2, 2012

Leerdoelen

Na het lezen van dit stuk begrijpt u hoe regionaal ontstollen van een extracorporeel CVVH-circuit functioneert met citraat. U weet wat pre- en postdilutie-opstellingen zijn. U kent de verschillen met heparine (systemische ontstolling), hebt inzicht in de metabole aspecten en bent op de hoogte van de laatste ontwikkelingen.